De kern heeft afgelopen vrijdag de budgettaire middelen bepaald om het voorontwerp sociaal akkoord voor de federale zorgsectoren te financieren. Het gaat om 500 miljoen euro voor de lonen in de periode 2021-2022 en 100 miljoen euro voor de financiering van de kwalitatieve verbetering van de arbeidsomstandigheden voor dezelfde periode.

Dit voorakkoord is het resultaat van het veelvuldig overleg met de regering (ministers Nathalie Muylle, Maggie De Block en David Clarinval) met de sociale partners van de private en publieke federale zorgsectoren over de verschillende eisenbundels die zij aan de federale regering hebben voorgelegd.

Het voorontwerp van sociaal akkoord zal door de regering worden bekrachtigd nadat alle sociale partners hebben ingestemd.  

De voorbije crisisperiode heeft de noodzaak aan voldoende en kwalitatief personeel in de zorgsector nogmaals erg duidelijk gemaakt. Zonder al die hoofden en handen aan het bed van de patiënt, zonder het organiserend, logistiek, ondersteunend,… personeel, hadden we niet het hoofd kunnen bieden aan deze crisis.

Nathalie Muylle, minister van werk : “Dat in de zorgsector te weinig personeel voorhanden is, met harde werkomstandigheden als gevolg is een open deur instampen. Voldoende personeel is dan ook een vereiste om beroepen in de zorgsector werkbaar te maken of te houden en om de kwalitatieve tijd aan het bed van de patiënt te verhogen. De “aantrekkelijkheid” van de beroepen in de zorgsector verhogen is dan ook belangrijk.”

Maggie De Block, minister van volksgezondheid: “De coronacrisis was een stevige stresstest voor de hele organisatie van de zorg.  Hoewel het hele systeem goed stand heeft gehouden dankzij de inzet van iedereen op het terrein mogen we niet blind zijn voor de pijnpunten. De regering beslist vandaag om € 600 miljoen extra te investeren in de loon-en arbeidsvoorwaarden. In 2017 zijn we gestart met de opwaardering van de lonen in de zorgsector. Vandaag krijgt dit proces een ware boost en kunnen we waar nodig en na evaluatie het loonmodel verbeteren. Ik dank mijn collega’s en de sociale partners voor de constructieve dialoog van de voorbije maand.”

David Clarinval, vice-eersteminister en minister van begroting en ambtenarenzaken: “Als minister van Begroting en van Ambtenarenzaken ben ik bijzonder blij over de inhoud van deze ontwerpovereenkomst waarover met de sociale partners constructief is onderhandeld. Het was belangrijk voor de regering om zich samen met de actoren op het terrein in te zetten voor de herfinanciering van de sector, zoals we hadden toegezegd. De COVID-19-crisis heeft aangetoond hoe noodzakelijk het is om duidelijke maatregelen te nemen ten aanzien van deze mannen en vrouwen die een belangrijke rol hebben gespeeld in de strijd tegen de epidemie. Door deze werknemers te laten genieten van betere arbeidsomstandigheden op alle niveaus, kunnen zij hun dagelijkse werk alleen maar effectiever uitvoeren. Bovendien wordt het beroep zo aantrekkelijker voor de toekomstige generaties."

 

De oorsprong van dit gebrek aan aantrekkelijkheid van de sector heeft verschillende oorzaken:

  • de lonen in de sector zijn lager dan die in de profitsector
  • de werkomstandigheden zijn belastend:
    • de intensiteit van het werk heeft gevolgen voor de fysieke en mentale gezondheid van de werknemers
    • de moeilijke combinatie van werk en privéleven voor de werknemers in de sector (onstabiele uurroosters, te korte periodes om fysiek en mentaal te recupereren en het werk volledig te kunnen loslaten)
  • het gevoel van te werken in een gevaarlijke situatie voor de patiënten en voor zichzelf

 

Vandaar een breed en ambitieus loopbaanpact, gedragen door sociale partners en regering. Dit pact zal verder worden uitgewerkt via CAO’s voor de private sector en Collectieve Akkoorden voor de publieke sector. Het pact bevat volgende elementen:

  1. Loonsverhoging (500 miljoen euro)
    • De loonschalen (vastgelegd in IFIC van 2017) worden volledig toegepast aan 100% in de periode 2021-2022. Tevens wordt voorzien in harmonisering van de lonen  in de private en publieke sectoren en worden de nodige verbeteringen aangebracht aan het loonmodel na evaluatie van fase 1.
    • Een tripartite werkgroep moet de evolutie van de beroepen binnen de zorgsector opvolgen en de impact op het lonen monitoren.
    • Erkenning van elders verworven competenties zodat meer mensen kunnen werken in de zorgsector
    • Op termijn een volwaardige dertiende maand
  2. Kwalitatieve verbetering van de arbeidsomstandigheden (100 miljoen euro): verdere uitwerking van cao’s en collectieve akkoorden rond:
    • 3 weken opeenvolgende vakantie
    • Individuele vorming
    • Vorming voor werknemersvertegenwoordigers
    • Stabielere en betere arbeidsovereenkomsten, uurroosters
    • Preventie en bestrijding burn-out
    • Sociale partners kunnen nagaan hoe uitstroom kan voorkomen worden en de combinatie werk-privé te verbeteren

 

  1. Preventieve maatregelen in geval van een gezondheidscrisis
    • Voorzien beschermingsmateriaal (strategische voorraden)
    • Middelen voor omscholen personeel om in te zetten op ad hoc –afdelingen
  2. Verbeteren van de organisatie om buitensporige werkdruk en hoge intensiteit van het werk te verminderen
    • Andere normen voor aantal verpleegkundigen en ander beroepsgroepen om werkbelasting te beheersen. Uitbouw van multidisciplinaire mobiel equipes om in vervanging te kunnen voorzien. Middelen van het zorgpersoneelsfonds en de bijkomende middelen van sociale Maribel (400 miljoen euro) kunnen hiervoor worden gebruikt.
    • Eindeloopbaanmaatregelen
    • Verhoging van tweede pensioenpijler
    • Massaal inzetten op vorming om bijkomende personen aan te trekken naar beroepen in de zorgsector. Middelen van het zorgpersoneelsfonds en de bijkomende middelen van sociale Maribel (400 miljoen euro) kunnen hiervoor worden gebruikt.

 

Ter illustratie een voorbeeld van loonsverhoging:

Voor een verpleegkundige A1 categorie 14, gaat het om bruto 280 euro per maand extra bij 0 jaar anciënniteit, 422 euro bij 5 jaar anciënniteit en 271 euro bij 15 jaar anciënniteit.

Voor een verpleegkundige A2 gaat het om maandelijkse verhogingen van bruto 235 euro bij 0 jaar anciënniteit, 390 euro bij 5 jaar en 230 euro bij 15 jaar anciënniteit.

Hoeveel de verhoging bedraagt varieert naar gelang de functie, maar de verhoging is er voor de hele sector.

Communiqué de presse FR

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookies Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.