Hanne schaaft zich in de speeltuin. Haar wondje infecteert. Enkele dagen later overlijdt zij in het ziekenhuis. Het therapeutische arsenaal aan antibiotica kon niet meer baten. Het infecterende micro-organisme was volkomen multiresistent. Vandaag schat de OESO dat in België jaarlijks 530 mensen vroegtijdig sterven aan deze sluipende pandemie; tegen 2050 zal dat oplopen tot 22500 slachtoffers als er geen maatregelen worden genomen.

België heeft sinds kort haar nationaal actieplan tegen antimicrobiële resistentie (AMR). De ministers van volksgezondheid brachten het plan tot stand na brede inspraak van de stakeholders. In 2017 gingen de toenmalige minister van Volksgezondheid  en de European Center for Disease Control (ECDC) over tot een uitgebreide analyse op het terrein in ons land. De conclusies gaven aanleiding tot een ontwerpplan AMR waarover afgelopen zomer een openbare raadpleging liep. Het brede maatschappelijk middelveld vertegenwoordigd door artsen en apothekers, EBP Practice Net, de Belgische Vereniging van Ziekenhuishygiëne, Natuurpunt, de West Vlaamse Milieufederatie, de Bond Beter Leefmilieu, beMedTech, de Global Antibiotic Research and Development Partnership, de Boerenbond, Test Aankoop, enzovoort, sprak zijn brede steun uit.

De voorgestelde acties bouwen verder op de reeds lang bestaande en gekende maatregelen van BAPCOC en AMCRA en zijn gebaseerd op het One health, one world principe. Immers het leven van mens en dier zijn nauw met elkaar verbonden. Beide campagnes zijn zinvol. Dankzij de BAPCOC-acties is het antibioticabewustzijn aanzienlijk verbeterd, aldus Bruyndonckx, Catry, Goossens en collega’s. Het Belgische ambulante antibioticagebruik is in de winter 2017-2018 gedaald met 12,8% dagelijkse dosis per 1000 inwoners en met 42,8% uitgedrukt in verpakkingen per 1000 inwoners in vergelijking met de winter vóór de start van de bewustmakingscampagnes (1999-2000). Ook de campagnes van AMCRA boekten sedert het instellen van de convenant van 2016 succes. Ofschoon in 2020 gespreid over zowel geneesmiddelen als antibacteriële premixen voor diervoeder een lichte stijging vast te stellen is, noteren we sedert 2011 in de verkoop van antibacteriële producten in de dierlijke geneeskunde een cumulatieve reductie van 40,2%.

Het actieplan AMR is een belangrijke nieuwe en nodige impuls, die tot doel heeft om bestaande acties beter te coördineren en tevens de ontbrekende schakels in te vullen. De federale overheid investeert in de komende vijf jaar structureel bijkomend 20,8 miljoen euro. Deze middelen zullen verder bijdragen tot betere diagnostische mogelijkheden, het verminderd en correct gebruik van de antibiotica, het terugdringen van lozingen en juiste verwerking van afval uit antibiotica en het stimuleren van onderzoek naar alternatieve geneesmiddelen en vaccins in de strijd tegen resistentie.

De strijd tegen AMR in ons land kan niet los gezien worden van de internationale context. Volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) zijn ziekten die resistent zijn voor geneesmiddelen nu reeds jaarlijks verantwoordelijk voor ten minste 700.000 menselijke sterfgevallen wereldwijd. De toenemende globalisering en klimaatverandering versterken dat proces. Door de intercontinentale mobiliteit en urbanisatie, importeren mensen ziekten uit overzeese gebieden. Ten gevolge de opwarming van de aarde kunnen de betrokken ziekten ook overleven in nieuwe migratiegebieden. Ook de vectoren die deze ziekteverwekkers helpen verspreiden, komen in onze contreien toe via bijvoorbeeld de scheepvaart. Waar zij vroeger geen bedreiging vormden omdat het klimaat te koud was, kunnen een aantal van deze overdragers hier nu wel aarden. Dat is onder meer het geval in de mediterrane gebieden van Europa. Deze evolutie moet nauw in kaart gebracht en gesurveilleerd worden zodat de overheid hierop bij significante wijzigingen kan inspelen met oog op de vrijwaring van de algemene volksgezondheid.

De coronapandemie heeft de ganse wereld getoond wat de gevolgen zijn van een besmettelijke infectieziekte waarvoor geen behandelingen bestaan. Deze ervaring moet ons allermeren en aanzetten om geleerde lessen te implementeren. Een internationaal Pandemieverdrag biedt antwoord. Zulk verdrag heeft tot doel landen de nodige voorbereidingen te laten nemen om een gezondheidscrisis tijdig en kordaat op te vangen, gesteund door de internationale gemeenschap. Per definitie overstijgt een pandemische gezondheidscrisis de landsgrenzen. Nationalistische en protectionistische reflexen werken in dat geval niet. De internationale gemeenschap moet gevolg geven aan de oproep van de voorzitter van de Europese Raad en de directeur-generaal van de Wereldgezondheidsorganisatie, waarbij AMR een onontbeerlijk deel zal zijn van het beoogde Pandemieverdrag.  

Willen we in de toekomst onze kinderen garantie bieden op afdoende werkende geneesmiddelen tegen infectieuze ziekten, dan mogen we deze sluipende pandemie door AMR niet ongemoeid laten. Met de nieuwe federale acties in het nationale plan in de strijd tegen antimicrobiële resistentie effenen we hiervoor definitief het pad. Het is echter zaak om deze beweging tot actie consequent door te trekken naar de internationale instellingen zodat niemand achter hoeft te blijven in deze belangrijke uitdaging.